Van Randwijck, 1846, goed en wel benoemd en al weer vertrokken

220px-Lodewijk_Napoleon_van_Randwijck

Lodewijk Napoleon graaf van Randwijck werd op 2 mei 1807 in Amsterdam geboren. Zijn vader, Frans Steven Carel, was enkele maanden daarvoor overleden. Hij was een van de 151 doden die te betreuren waren bij de buskruitramp in Leiden van 12 januari 1807. De koning van Holland, Lodewijk Napoleon, was zo begaan geweest met de slachtoffers van de ramp – hij stelde veel middelen en grote sommen geld beschikbaar – dat hij van de Hollandse bevolking de bijnaam ‘Lodewijk de Goede’ kreeg. Reden voor de weduwe om haar zoontje te vernoemen naar deze toentertijd populaire broer van de Franse keizer. Ook Van Randwijck had Gelderse roots, zijn vader was geboren in Nijmegen, zijn moeder, A.J. barones van Zuylen van Nijevelt, in Zutphen. In 1822 werd Van Randwijck verheven tot graaf, een titel die zijn vader ook al had.

Net als zijn voorgangers was ook Van Randwijck volstrekt loyaal aan het huis van Oranje. In augustus 1831 streed hij mee in de Tiendaagse Veldtocht. Een paar jaar daarvoor had hij zich, vlak na zijn promotie in april 1829 in Utrecht, als advocaat gevestigd in Arnhem. Later werd hij vrederechter te Elst en Bemmel. Vanaf juli 1833 was hij (voor de Gelderse ridderschap) lid van de Staten van Gelderland en was hij in de periode 1837-1842 Gedeputeerde. Beide functies – die van lid van PS en GS – combineerde hij overigens in die jaren. Van 1 augustus 1842 tot 1 april 1846 was hij gouverneur van Drenthe.

In september 1835 trouwde hij met Claire Julie Helène Philippine, een van de dochters van Ewoud baron van Vredenburch, die gouverneur van Zeeland was.

Wordt vervolgd

Advertenties

Over bobenjonnmakeneenboekje

Bob Roelofs (1956) is een geboren en getogen Arnhemmer, studeerde Geschiedenis aan de Katholieke Universiteit Nijmegen en was 17 jaar leraar Geschiedenis aan het Liemers College te Zevenaar. Hij was raadslid en fractievoorzitter van D66 in de Arnhemse gemeenteraad (1999-2003). Sinds 2003 is hij griffier van Provinciale Staten van Gelderland. Over Arnhem publiceerde hij drie boeken: Vernieling en Vernieuwing, de wederopbouw van Arnhem (Matrijs, 1995), Huis der Provincie, Het 'Kasteel' op de Markt (Matrijs, 2008) en samen met Jan de Vries de Canon van Arnhem (Bezoekerscentrum Sonsbeek 2008), In 2011 werd hij voor zijn verdiensten in het Arnhemse benoemd tot Lid in de Orde van Oranje Nassau. Jonn van Zuthem (Zwolle 1967) studeerde nieuwste geschiedenis in Nijmegen en kerkgeschiedenis aan de Theologische Universiteit Kampen. In 2001 promoveerde hij op ‘Heelen en halven’ Orthodox-protestantse voormannen en het ‘politiek’ antipapisme in de periode 1872-1925. De laatste jaren is hij vooral actief op het terrein van de regionale geschiedenis. Zo schreef hij de hoofdstukken 'Een nieuwe provincie 1815-1848' en 'Een samenleving met schakeringen' in deel III Nieuwste Tijd - Heden van de driedelige Geschiedenis van Groningen (2009). Eind september 2012 werd zijn langverwachte boek Harde grond. Kerkelijke verhoudingen in Groningen, 1813-1945 gepresenteerd.
Dit bericht werd geplaatst in de commissarissen. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s